Terwijl Anita aan het werk was aan haar documentaire en andere klusjes, laadde ik m’n kampeer- en peddelspullen in een tweetal grote duffels en liep over een lastig keienpaadje naar het begin van een systeem van meren en meertjes. Vier dagen lang zag ik helemaal niemand en peddelde ik in volledige stilte over het koude water van Rogen, tegen de grens van Noorwegen, waar het gebied overgaat in de Femundsmarka.
Het was even wennen om twaalf uur per etmaal alleen in een donker bos op een eilandje te zitten en van de vier dagen spendeerde ik er eentje geheel in de tent vanwege het slechte weer. Maar toch was het lekker om even alleen buiten te zijn. Het zou zomaar de laatste peddel van het seizoen kunnen zijn.
Het mooie van varen, vooral in een kajak of packraft, is het dobberen. Ik peddel dan niet, maar kijk om me heen, soms minuten lang. Je hoort alleen maar het ruisen van de wind door de bomen, of een verdwaalde vogel die roept. Eén slag met de peddel en het uitzicht verandert weer met 180 graden. Een slok water uit het meer, een handje pinda’s uit m’n zwemvest en dan weer verder…


Geef een reactie op Liesbeth Maas Reactie annuleren