Ik kon m’n geluk niet op toen ik eergisteren eindelijk, eindelijk, eindelijk onze oranje Ollie zag staan op de parkeerplaats. Het blikje lauwe cassis (koelkast had ik uitgezet) smaakte naar een champagne van driehonderd euro en een half uur later lag ik in het water om het zweet van me af te spoelen.
Het plan was een grote ronde door Jämtlandsfjällen van zo’n 115 kilometer. Tien dagen trok ik er voor uit. Met een rugzak van 18 kilo, exclusief een cameraheuptas en een tas op de borst, vertrok ik richting Vålådalen. Hoewel ik goed begon, liep het vanaf de tweede dag allemaal behoorlijk stroef. Het was bij vlagen bloedheet, de muggen waren alomtegenwoordig en bloeddorstig, ik maakte een uitglijder toen ik niet oplette, zette in een hoosbui m’n tent op, had ondanks de enorme inspanning geen echte eetlust en het belangrijkste: ik miste vooral m’n maatje.
Na drie dagen nam ik de beslissing om de tocht in te korten naar 88 kilometer. Toch een verschil van twee dagen lopen. Ook dat gaf niet echt de gewenste verlichting: het lopen viel me nog altijd zwaar en het kamperen bleef met de enorme hoeveelheden muggen een uitdaging. Martijn belde me op precies het juiste moment op: “Je kunt wel de hele tijd in control willen blijven, maar zo werkt het niet. De wildernis doet wat ze wilt en je kunt het maar beter accepteren en omarmen. Zet niet je tent pas op als je je zelfbedachte doel hebt gehaald, maar luister naar je gevoel. De wildernis is eigenlijk alleen maar een spiegel van wat je zelf bent.”

Je kunt nog zoveel ervaring hebben in dit soort avonturen, toch loop je af en toe tegen jezelf aan. Ik heb nu ervaren dat als je alleen bent, je ook echt alles alleen moet oplossen. Na die derde dag was het bij vlagen mooi, maar de uitdagingen bleven. Ik besloot de dagafstanden te vergroten en legde de dagen er na tussen de 16 en 18 kilometer per dag af om er simpelweg sneller van af te kunnen zijn. Anita stak me dagelijks een hart onder de riem: ‘Hou vol he schatje!”
Op dag vijf maakte ik het ene moment in mijn hoofd al advertenties op marktplaats voor mijn buitensportuitrusting en liep ik een uurtje later mee te grinniken op een gedownloade cabaret opname. Aan het einde van die dag zette ik, na een rivierdoorwading tot ver boven de knieën, gevolgd door een eindeloze hoeveelheid regen, mijn 2,5 vierkante meter tellende solotent ergens in een zeiknat keienveld neer, wetende dat dag zes de laatste zou worden.
Ook de laatste dag kwam er maar geen einde aan. Ik luisterde, heel toepasselijk naar George Harisson’s meesterwerk ‘All things must pass’ en pinkte een paar traantjes weg toen ik door de bomen heen Ollie zag staan.
Ik heb genoeg fysiek (en technisch) zwaardere tochten gemaakt, maar kreeg toch nooit zo het deksel op m’n neus. Misschien wel omdat ik het juist nu niet verwachtte…
Er staan geen tenten en rugzakken uit mijn collectie op marktplaats, integendeel, er worden alweer nieuwe plannen gesmeed.
Met speciale dank aan mijn maatjes Anita en Martijn.

Geef een reactie op René Reactie annuleren