Ja, je leest het goed. Ollie staat te koop. Na drie jaar en veertigduizend kilometer (valt best mee eigenlijk) nemen we met pijn in het hart afscheid van wat tot nu toe de spil van onze avonturen vormde.
Er is niks mis met Ollie, integendeel, het is wat ons betreft de knapste bus die je kunt hebben. Nee, het ligt helemaal aan ons. Op een gegeven moment is het leven uit tassen, kratjes en waterdichte Ortlieb duffles wel mooi geweest. We willen heel graag een eigen plekje. Hoeft niet groot te zijn, maar het moet wel van ons zijn. En bij zo’n eigen plek past een gewone auto veel beter dan een bus van zes meter lang.
Het idee is nu het volgende: we zoeken een eigen plek, kopen er een robuuste auto bij en een klein caravannetje. Daarmee denken we flexibiliteit te krijgen: we kunnen binnen Nederland veel makkelijker bewegen en met wat aanpassingen van onze plannen kunnen we met een caravannetje op de meeste plekken in Scandinavië prima komen. Tuurlijk, even keren op een smalle gravelweg wordt wel een beetje gedoe, maar we kennen Zweden inmiddels vrij goed: daar rijden we niet zo heel vaak meer fout.
Een van de redenen waarom we deze herfst eerder terugkeerden is dat onze vriend en drummer Dick ziek is geworden en graag met ons muziek wilde maken. We zouden zelfs nog ergens een optreden proberen te ritselen. We hebben heel ontspannen muziek gemaakt, maar het optreden is er niet van gekomen. Vanochtend hebben we Dick herdacht bij zijn uitvaart. Rust zacht vriend…
Waar aan de ene kant het leven ophoudt, gaat het elders met volle kracht vooruit. De tweeling groeit, brabbelt, lacht, huilt en doet alles wat ze moeten doen.
Hoewel Ollie binnenkort nieuwe baasjes krijgt, gaan wij gewoon door met dit verhaal. Jullie zijn voorlopig dus nog niet van ons af….


Plaats een reactie